ECONOMIE
Ja, met hoofdletters. Alles is de schuld van de economie. Kijk rond je. Zie je nog veel mensen die tijdens hun professionele bezigheden met meer dan één iets bezig zijn?
Nee. 't Is de schuld van de economie. Specialisatie. Iedereen specialiseert zich in één iets en verkoopt dat. Want dat is efficiënt.
Goed en wel. Maar je moet eens kijken aan de universiteit. Paradox. Student moet bezig zijn met twaalfduizend verschillende dingen: een vak economie, een vak Frans, Nederlands, Engels, (dat ligt nog in één lijn), reclameleer enzovoort. Allemaal heel divers. Dat is aangenaam! (Nu toch. Vroeger minder. Altijd literatuur of taalkunde en altijd even nutteloos, dat is niet aangenaam.)
Maar dan heb je de prof: die zit vastgeklonken aan één vakgebied. Boring. En die verwacht natuurlijk ook (doorgaans) dat iedereen zijn vak het boeiendst vindt.
Anyway. In de echte wereld zit bijna iedereen vast aan één iets. Aargh. (Zie student versus professor. Of kind versus ouder. Kind kan zich uitleven in heel wat dingen, de ouder doet dat vaak al wat minder. De werknemer ook niet.)
Ik wil meer. Ik wil vanalles. Ik wil niet beperkt zijn tot mijn job waarin ik één iets mag doen. Ik wil meer. Ik wil geïnteresseerd zijn. Ik wil de Renaissance. De universele mens.
Je kan zeggen: wat houdt je tegen. Misschien terecht, misschien ook niet.
Nee. 't Is de schuld van de economie. Specialisatie. Iedereen specialiseert zich in één iets en verkoopt dat. Want dat is efficiënt.
Goed en wel. Maar je moet eens kijken aan de universiteit. Paradox. Student moet bezig zijn met twaalfduizend verschillende dingen: een vak economie, een vak Frans, Nederlands, Engels, (dat ligt nog in één lijn), reclameleer enzovoort. Allemaal heel divers. Dat is aangenaam! (Nu toch. Vroeger minder. Altijd literatuur of taalkunde en altijd even nutteloos, dat is niet aangenaam.)
Maar dan heb je de prof: die zit vastgeklonken aan één vakgebied. Boring. En die verwacht natuurlijk ook (doorgaans) dat iedereen zijn vak het boeiendst vindt.
Anyway. In de echte wereld zit bijna iedereen vast aan één iets. Aargh. (Zie student versus professor. Of kind versus ouder. Kind kan zich uitleven in heel wat dingen, de ouder doet dat vaak al wat minder. De werknemer ook niet.)
Ik wil meer. Ik wil vanalles. Ik wil niet beperkt zijn tot mijn job waarin ik één iets mag doen. Ik wil meer. Ik wil geïnteresseerd zijn. Ik wil de Renaissance. De universele mens.
Je kan zeggen: wat houdt je tegen. Misschien terecht, misschien ook niet.
Reacties