Ik weet niet meer wat ik moet denken. Misschien moet ik rationeel zijn en denken: het is laat. Stop met denken. What's the fuckin use. djk,lk,lk,lk,lk,laji ermtjklq sfmlkjqsd fmkljqsdmruioaz etpoiu a^t!çà a"'mlkjwxdv:wxkcj vpqisdu fmqklzejr qlmsfmqsilfu pqer!gq^)sdàv!ç w^)xàdf^qzeir mlazk'jt mlksdjf mqlsidfu ^)qàrfâ"p mqzlkefj mlqsdfj mqsldkfj p^qefu^qsd!f ^qsdfui qs^d)àf! qs^dfà qsd^fu zê'çur aé"mùi(jr maé"iu( vlqkzj' :;,ndf gl:xchv ^sruçdg qtuqslkjdfzeuçr $q)z" qsdfklmj zeiou rpw^siduo ^àxcvuè wp^xdvu ^)qàse!f aqz"'mrj wlskenf mljxd v^pçwxu dmgqsiopefµùpq uize^sru! gêrg True story.
Posts
Posts uit april, 2010 tonen
Crisiscommunicatie
Help. We moeten in groepen van zes een crisiscommunicatieplan maken voor de K.U.Leuven. Ja, ze kunnen het wel gebruiken. Anyway, met zes dus. Iedereen heeft een rol. Zo is er een interne communicatiemanager, en een woordvoerder, en een productmanager enzovoort. Een productmanager. Voor de K.U.Leuven. Het is mij een raadsel, maar professors do know best. De kennis die we in onze rol hebben, hebben we verzameld in een expertisegroep. Daarin zaten we ook met zes. Allemaal met dezelfde rol. En kregen we de opdracht informatie te verzamelen die bij onze rol past. Niet dat iedere rol hetzelfde kreeg ... Crisistypes zoeken. En waarom? Zodat de professoren daaruit dan konden kiezen om crisissen op ons af te sturen die we niet zelf bedacht hadden en we dus niet op geanticipeerd hebben. Want een crisis krijgen we ook. Maandag, om tien uur. Dan mogen we in onze zelfgekozen 'war room' het spelletje meespelen. Want deel van de opdracht is: 'meegaan in de crisis' en eventueel, waar n...
Ongelijkheid
Hoe kun je ongelijkheid, oppositie elementair uitdrukken? Als ik het probeer, dan denk ik aan cijfers, en dan gaat het al meteen verkeerd. De elementairste cijfers om een verschil uit te drukken, zijn 1 en 0. Voor mij is dat toch zo. Maar 0 heeft zo'n loseraura terwijl 1 lijkt alsof dat de winnaar voorstelt. Iets en niets. Misschien is -1 en 1 de oplossing. Maar ook dat vormt een probleem, want dan heb je iets 'negatiefs' en iets positiefs ... Goddamned. Als je A en B doet, dan krijg je weer zoiets maar dan anders. A is het eerste, B volgt. Wat moet je dan doen? Hoe stel je twee dingen tegenover elkaar zonder een waardeoordeel te vellen? De ene en de andere? Ha, hoe belachelijk kan het klinken? Ik weet het echt niet. Ik zou wel gewoon 0 en 1 gebruiken, daar niet van, of A en B, omdat ik weet wat ik er mee bedoel. En als ik het lees van anderen, dan interpreteer ik het ook op mijn manier (ook al doet 99,98 procent het misschien anders). Maar ja, ik haat het om uit te leggen....
The Old Man and the Sea (Ernest Hemingway)
Het proza in deze roman is al even uitgebeend als wat overblijft van de marlijn die de oude man heeft gevangen. Veel meer dan de strijd tussen de oude man en zichzelf, de oude man en de marlijn, de oude man en de natuur is er niet. Fantasierijke geesten kunnen er dus heel wat allegorie en symboliek in zoeken ... maar ik vond die elementen nauwelijks. Het is geen slecht boek, maar om het een Pulitzer te geven? Ik weet het niet. Misschien moet ik het meer bekijken in de tijdsgeest, maar dat kan ik niet, te onervaren. Mja. Een aangenaam tussendoortje. Maar ondertussen begrijp ik wel waarom ik op zoveel plaatsen lees dat Hemingway heel veel weglaat en je zelf de lege ruimtes moet opvullen. Fuck, ik weet niet wat ik moet denken. Ik kan er pro-argumenten voor geven maar dat zou enkel uit een technisch standpunt zijn, niet omdat ik als een blok val voor de roman.
De achtste dag van de week (Marek Hlasko)
Wat een deprimerend boek. Het herinnerde me aan 'De Avonden' van Gerard Reve. Maar dan met meer actie, dus minder saai, en vooral vier keer minder lang. 'Mensen,' zei hij, 'die vervloekte, stomme mensen, voor wie de eigen hel altijd te klein is en die zich dan maar met die van de ander gaan bemoeien. Ze komen overal met hun bezwete handen aan, ze beginnen te fluisteren, te regelen, te helpen, hen terzijde te nemen en hun over zichzelf te vertellen. "Weet je," zeggen ze haar, "dat hij in 1947, in Mysliborz, de stationschef, de kassier en de hulpmachinist in elkaar heeft geslagen?" "Weet je dat hij dit en zij dat?" De mensen bemoeien zich ermee, de mensen liegen, de mensen verzinnen allerlei gemene idiote flauwekul, en dan op een dag is het niet meer duidelijk wat waarheid is en wat leugen, en wat roddel, en wat werkelijkheid, wie een vriend is en wie een zwijn, wie een collega en wie een idioot ... het is onmogelijk overal hoogte van te ...